




Baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door 2 subtypes van het Human Papilloma Virus (HPV), subtype 16 en 18. Tussen de besmetting en het ontstaan van baarmoederhalskanker zit meestal meer dan 10 jaar.
Als baarmoederhalskanker eenmaal is ontstaan wordt dit behandeld met of een grote operatie waarbij de baarmoeder, eierstokken en lymfklieren worden verwijderd of met bestraling als het poces te ver gevorderd is. Op dit moment zorgt het bevolkingsonderzoek Baarmoederhalskanker voor een goede bescherming voor diegene die zich elke 5 jaar laten onderzoeken. Helaas is er een grote groep vrouwen die zich om wat voor reden dan ook onttrekken aan het bevolkingsonderzoek. Deze vrouwen lopen uiteraard het meeste gevaar.
Vanaf oktober 2006 is er een vaccin verkrijgbaar wat bescherming biedt tegen de 2 genoemde subtypes. Op het landelijke gynaecologen congres in november 2006 is met algemene stemmen een voorstel aangenomen om de minister van VWS te adviseren dit vaccin aan alle 12 jarige meisjes te verstrekken in het Rijksvaccinatiepro-gramma.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft besloten om per 1 september 2009 HPV vaccinatie op te nemen in het RVP voor meisjes van 12 jaar, geboren na 1997 met een eenmalig inhaalprogramma voor meisjes van 13 tot en met 16 jaar, startend in de eerste helft van 2009 (geboortedata 1993-1996). Zij krijgen hiervoor een uitnodiging van de GGD.
Voor meisjes en vrouwen die niet worden opgeroepen door de GGD (met geboortedata voor 1993), biedt Vrouw en Spaarne het vaccin aan tegen kostprijs.
Voor meer informatie en aanmelden voor de vaccinaties
of 023-8908580, Xandra Dekker op ma-, wo- of do-ochtend.
Zie ook:
Standpunt Nederlandse Vereniging voor Gynaecologie en Verloskunde (NVOG)
1. Profylactische vaccinatie als primaire preventie tegen baarmoederhalskanker wordt aanbevelenswaardig, zinvol en veilig geacht bij jonge meisjes in de leeftijd van 10-12 jaar. Implementatie in het Rijksvaccinatieprogramma heeft de voorkeur. Vaccinatie met de nu aanwezige vaccins is een belangrijke stap op weg naar uitbanning van (pre) maligne afwijkingen veroorzaakt door HPV.
Bij de besluitvorming moet rekening worden gehouden met een aantal nog onbekende factoren en vragen:
-De duur van de bescherming (thans bekend tot 5 jaar), en dus de mogelijke noodzaak tot booster (herhaal) vaccinatie na een aantal jaren.
-De onwetendheid over het gedrag van andere HPV typen waartegen het vaccin niet beschermt.
2. Omdat de bescherming slechts geldt voor baarmoederhalskanker veroorzaakt door HPV type 16 en 18, blijft deelname van iedere vrouw tussen 30 en 60 jaar aan het bevolkingsonderzoek (BVO) noodzakelijk
3. Vaccinatie van vrouwen na de sexarche (12-26 jaar) in een vaccinatieprogramma (een zogenaamde catch-up (inhaal) vaccinatie) dient overwogen te worden.
4. Het vaccineren op individueel verzoek ( opportunistische vaccinatie) van vrouwen na de sexarche heeft voor het individu hetzelfde kansvoordeel als vrouwen uit groep 3), maar kan maatschappelijke ongelijkheid veroorzaken en mist het voordeel van groepsimmuniteit.
5. Effectiviteit van vaccinatie van jongens en mannen is nog onvoldoende duidelijk.
